OSDORP - Achttien jaar
werk als beveiligingsbeambte geeft genoeg stof tot schrijven, blijkt uit
het verhaal van Ad Coerse. Deze 38-jarige KLM-medewerker uit Osdorp
heeft zijn talloze en kleurrijke herinneringen uit de wereld van
hondenbrigades, noodoproepen en portofoons in een boekje weten te
bundelen. Uitgeverij GigaBoek hielp hem daarbij.
‘Ik heb in de achttien jaar dat
ik in de beveiliging heb gezeten zoveel meegemaakt’, zegt Coerse
wanneer hem naar zijn motieven gevraagd wordt. ‘Op feestjes vertelde
ik altijd honderduit, waarna een vriend tegen mij zei: ‘Waarom schrijf
je hier geen boek over?’ Ik heb de daad bij het woord gevoegd en ben
uiteindelijk twee jaar met het schrijven bezig geweest.’

Jaren tachtig
Met groot plezier, vertelt hij. ‘Ik vond het harstikke leuk om het
boek te schrijven. Natuurlijk, het is te veel werk om het allemaal te
doen met het blote hoofd. Maar ik ging gewoon achter de computer zitten
tikken en zette muziek uit de jaren tachtig op zodat de herinneringen
herleefden. Mijn vrouw heeft het boek nagekeken en mij van tips voorzien’,
aldus Coerse die opgroeide onder de rook van de Heinekenbrouwerij in de
Pijp.
Via Hans van Willigenburg van Radio Noord-Holland kwam Coerse op het
spoor van uitgeverij GigaBoek. Deze uitgeverij maakt gebruik van het
zogenaamde printing on demand. De drukpersen worden hierbij vervangen
door een laserprinter en de boeken worden pas geprint als er een
bestelling is. Zodoende is het mogelijk boeken in een kleine oplage te
printen en daarom ideaal voor beginnende auteurs.
Op de kaft van het boek staat een foto van zijn enkele jaren gestorven
hond ‘Reddy’. Coerse: ‘Mijn beste kameraad. Ik draag mijn boek aan
hem op.’ Er waren zelfs nachten dat zijn vrouw moest plaats maken voor
deze trouwe viervoeter, aldus de echtgenote. Zo diep kan dus de
vriendschap tussen man en hond gaan.
Krakers
In 1980 ging Coerse op zoek naar een nieuwe baan. ‘Een kennis bracht
me op het idee om bij een beveiligingsbedrijf te gaan werken. Een snelle
keuring en klaar was kees. Ik kon zelfs kiezen bij welke afdeling ik
ging werken. Uiteindelijk koos ik voor de hondenbrigade. Ik kreeg een
speciale dienstauto en een diensthond, Reddy dus, waarmee ik het hele
land van Limburg tot Groningen en van Zandvoort tot Arnhem doortrok. Was
het te ver om nog naar huis te rijden, dan werd er voor mij en Reddy een
hotel geboekt.’
In de beginjaren van Coerse’s beveiligingswerk lieten de
krakersbewegingen in Amsterdam zich niet onbetuigd. ‘Vaak was het zo
dat een pand ontruimd was door de politie en wij moesten voorkomen dat
het pand opnieuw gekraakt werd. Best spannend, want het was niet
ondenkbaar dat er in zo’n geval ineens vijfhonderd man voor de deur
stonden.’ Soms keek Coerse naar het nieuws en zag hij dat ergens in
den lande een krakersontruiming plaatsvond. ‘Dan ging de telefoon en
wist ik het al: ik moest op pad.’
Humor
Maar het hoofdbestanddeel van het boek vormt toch de humor, vertelt hij:
‘Zoals die keer in de Bijenkorf toen we bericht kregen dat er een
insluiper in het pand was. Hij zou in één van de pashokjes zitten. Ik
liep er heen met Reddy en plots schoot hij naar voren. Ik voelde mijn
hart in mijn keel kloppen. Als een razende ging hij tekeer in het
pashokje en ik was bang dat de insluiper werkelijk zou worden
verscheurd. Toen ik het gordijn opzij schoof, zag ik een losse arm op de
grond liggen. Ik schrok me rot maar gelukkig bleek een fractie van een
seconde later dat mijn hond een paspop aan flarden had gebeten.’
In de loop van de jaren is het allemaal agressiever geworden, zegt
Coerse. ‘Vroeger waren winkelsurveillances kat en muisspelletjes.
Wanneer ik een winkeldief aanhield, bleef hij gewoon rustig en zei hij:
‘Wacht maar, volgende keer ben ik je te snel af.’ Tegenwoordig is
het allemaal agressiever geworden en word je voor alles en nog wat
uitgemaakt.’